De culinaire videowebsite Let's Cook It . TV

Lente 2004

Tenniskippen
Mijn broek zakt af, telkens als ik naar de Vlaamse TV-zenders kijk. Nu heb ik niet vaak tijd om naar de buis te zien, maar als ik dan eens het kastje aanzet, zijn het altijd dezelfde beelden: twee tenniskippen die op èlk toernooi ter wereld van het eerste tot het laatste wedstrijdje gevolgd worden, vanaf het eerste tot en met het laatste balletje. Een onnozele stompzinnige vertoning die niets toevoegt en waar bijna niemand op zit te wachten. Een ander item waar de Vlaamse TV graag goede sier mee maakt, is het veldrijden. Minstens een keer per week mogen we aanschouwen hoe een handvol mannetjes met grote neusgaten zich per fiets een uurtje door de vaderlandse modder ploegt. Ook weer zo'stompzinnige vertoning. Maar wat als een kok nationaal kampioen wordt of als een sommelier zijn vlag in het buitenland met verve vertegenwoordigt? Dan gebeurt er helemaal niets. TV-makers zijn liever bezig met tennisballetjes en modderfietsen. Als ze dan eens aandacht aan de gastronomie besteden (kabelzender Vitaya gelukkig uitgezonderd), is dat via clowneske figuren die geen ei kunnen bakken en het vak belachelijk maken. In Frankrijk ligt dat heel anders. Daar durven TV-makers in de gastronomie te investeren. Een mooi voorbeeld daarvan is ploeg van FR3 die drie volle dagen op de EFFF aanwezig was. Het gevolg: een uitzending van een kwartier plus tweemaal 90 seconden journaal. In het land van Marianne weet men wat cultuur is.

Voorbeelden
Als kok een ster krijgen, is al een hele opgave die slechts voor weinigen is weggelegd, zelfs als hij/zij uit een autochtoon nest komt en de landscultuur en sociale eigenheden met de paplepel krijgt ingegoten. Wat is het dan een prestatie wanneer iemand vanuit een verre cultuur naar hier komt om als kok uiteindelijk een ster te verdienen. Het is puur toeval dat in deze Saisonnier meerdere voorbeelden te vinden zijn van allochtone chefs die het tot een ster brachten. Laury Zioui bijvoorbeeld, die vijftien jaar geleden naar hier kwam, met een t-shirt, jeans en sandalen als enige bezit. Als afwasser begon hij, sterrenchef is hij nu. Of Soenil Bahadoer, die uit Suriname naar hier kwam om met hard werken en enthousiasme een welverdiende ster te krijgen. Of de grote chef Hiroyuki Hiramatsu die, gebiologeerd door de Franse cultuur, als Japanse jongeling naar Parijs ging om een sterrenimperium uit te bouwen. Het zijn maar toevallige voorbeelden, de waslijst van successen is veel en veel groter. De landspolitiek, in alle West-Europese landen, wordt al jaren beheerst door problemen met allochtonen. Altijd wordt het onderwerp in een negatief daglicht gesteld, nauwelijks of nooit wordt getoond dat er ook positieve verhalen zijn. Een klein stukje van de budgetten die aan vergaderen worden besteed, zoud wonderen kunnen doen wanneer daarmee succesverhalen werden geprofileerd. Want jongeren hebben voorbeelden nodig om zich aan op te trekken, ook allochtone jongeren. De gastronomie kan voor hen een voorbeeld zijn.

Schuimpjes
De inspectie van Michelin is altijd met veel geheimzinnigheid omgeven geweest. Als chef wist je nooit wat je moest doen om voor sterren in aanmerking te komen. Maar dat is nu gelukkig veranderd, sinds het rode bijbeltje van 2004 het daglicht zag. Meerdere koks (niet allemaal gelukkig)die alle borden dagelijks met het Kidde-apparaat te lijf gaan om hun creaties met de schuimpjes van El Buli vol te spuiten, ontvingen een ster. Of zelfs twee. Onverdroten kopiëren loont voortaan. Wenst u sterren? Koop dan onmiddellijk een slagroomspuit om die te hanteren als een kloeke brandweerman, succes lijkt daarmee verzekerd. Dan heb ik het uiteraard niet over Jonnie Boer, want die staat bepaald niet als spuitgast bekend. Dit supertalent, inmiddels verheven tot wereldattractie, heeft een ander recept: Uit je doppen kijken. Binnen een straal van een kilometer is veel moois te vinden dat op het bord kan belanden, als je er maar oog en talent voor hebt. Dat mag desnoods onkruid zijn, want onkruif is ook kruid. Ik hoop van harte dat de derde ster van Jonnie gaat zorgen voor een nieuwe culinaire cultuur. Terug naar de basis, terug naar de eenvoud, terug naar het herontdekken. De voorbeeldfunktie van Ferran Adria heeft ons positieve kanten gebracht en hij zal ons in de toekomst ongetwijfeld nog verrassen. Het wordt nu tijd dat zijn taak wordt overgenomen door iemand die verliefd is op een brandneteltopje en de wortel van een lissedodde. Want dan kunnen we als gastronomen weer ècht op ontdekking gaan.

Norbert Koreman

«

15-1-2007 @ 17:26