De culinaire videowebsite Let's Cook It . TV

Winter 2001/2002

Waar blijft het onderwijs?
In de afgelopen paar jaren deden wij meer­maals een gebaar naar hotelscholen. We beseffen dat niet elke leerling zich een abonnement op Saisonnier kan veroorloven, dus nodigden wij leraren uit om een les te geven rond een onderwerp dat wij publiceerden. Graag willen we de school dan een aantal exemplaren van de betreffende uitgave gratis ter beschikking stellen. War bleek? Vrijwel alle hotelscholen die wij aanschreven, vond het niet de moeite waard om op onze geste te reageren. Eén hotelschool belde ons zelfs met de mededeling dat ze alleen op ons voorstel wilde ingaan als wij bereid waren om de exemplaren aan school af te leveren, liefst op dinsdagochtend tussen negen en tien. Waar zijn we in hemelsnaam mee bezig? Gaat het de scholen nog om leerlingen? Gaat het de scholen nog om het vak? We zien de protesten op het Belgische tv­journaal wanneer leraren een jaartje langer dan hun 55e moeten werken. Scholen worden met stakingen platgelegd. De meeste leerlingen weten nier beter en ze zijn blij met die extra vakantie. Later, veel later, zullen ze merken wat ze gemist hebben. We leven in een verkeerde cultuur. Aan mij wordt nooit gevraagd hoelang ik werk of wanneer ik met pensioen ga. Aan mij worden uirtsluitend opmerkingen gegeven over hoeveel oesters, foie gras en kavlaar ik vermoedelijk dagelijks zal eten en hoeveel sublieme wijnen daarbij gepaard gaan. Alsof ik nog geinteresseerd zou zijn in fole gras na achtennegentig achtereenvolgende dagen lang deze lekkernij te moeten proeven. Bah. jongens, zet je voetje eens op de grond. Besef dat je jonge mensen opleidt, op weg naar hun toekomst en op weg naar de toekomst van de gastronomie. Besef dat het een hele zware verantwoordelijkheid is om andermans kinderen onder je hoede te nemen. Besef dat jullie veel meer invloed op de toekomst hebben dan alle driesterren­chefs tezamen. Ik besef alvast dat jullie taak zwaar en moeilijk is. Nog één keer doe ik een oproep aan leraren: we stellen je graag een aantal Saisonnier'ter beschikking waarrond je een prachtige les kan bouwen. Of moet ik de leerlingen oproepen om u die vraag te stellen?

Jodocus
Meer dan tweehonderd zeer positieve reakties kreeg ik na mijn vorige Overpeinzingen en geen enkele negatieve. U bent het kennelijk met mij eens dat sommige figuren met hun vingers van ons mooie vakgebied moeten afblijven. Welnu, wijs dit soort figuren resoluut de deur. Weiger alle stoppelige mannetjes, louter omdat ze geen stropdas dragen. Dan hebt u een juridisch waterdicht argument. U hebt veel te lang allerlei pipo'in uw restaurant gedoogd en bent gevijnsd vriendelijk tegen hen geweest, louter omdat ze een pen in hun handen hadden. Ben niet bang dat clowns door uw afwijzing negatief over u zullen schrijven, want de hele wereld zal begrijpen dat u karakter had. Kijk maar naar Jon Sistermans dle vorig jaar de terechte aanval zocht en het gevreesde blad Lekker op zijn grondvesten deed schudden. Redakteuren die bij de sportredakrie worden buitengegooid, laten zich tegenwoordig moeiteloos en graag tot culinair journalist'mvormen. De krant heeft geen budget voor specialisten, dus mag voortaan iedere rijbewijshouder-met-perskaarr de restaurants onveilig maken. Niet gehinderd door enige voorkennis en vooral behebd met een flinke portie zelfbevredlglngsdwang komen dit soort lieden bij u binnen. Het maakt niet uit of u al twintig of dertig jaar in keuken of zaal stond, de Jodocussen weten het altijd beter. Niet alleen Nederland heeft zijn jodocus, ook België is nu aan de beurt. In De Standaard werd onlangs een opmerke­lijk verslag gepubliceerd over het Antwerpse restaurant La Cabane, waarvan ik pertinent weet dat het de beste koks en de beste gastheren weet te combineren. ln her stukje staat onder andere: "De twee obers zijn zojuist door een ringerje gehaald, proper, fris gewassen, smetteloos. Chemisch gereinigd waarschijnlijk". De schrijver, ene René De Bok, zal het thuis of in zijn stamtaverne op de hoek anders gewend zijn, het geeft geen pas om obers op deze manier te beschrijven. Hoe moeten obers er volgens mijnheer De Bok uitzien? Ach, het maakt niet uit. Kroketje gevuld met ik weet niet wat'ees ik even verder. Welnu, een groter bewijs van onvermogen kan iemand zich niet geven. Het rnosterdsausje is iets te vol" hoort in dezelfde onvermogende categorie thuis. Nee hokje, ga maar weer terug naar de sport- of bloemschikredaktie of waar je ook vandaan komt. Want daar houden ze van mensen dle oeverloos doorzagen op onderwerpen dle geen belang hebben. De gastronomie bestaat uit kwetsbare ondernemers die Mies op het spel hebben gezet om het de mensen naar hun zin te maken en daarvoor dag en nacht in touw zijn. Er is alleen maar plaats voor culinaire journalisten" die dat terdege beseffen. Her gaat om respect, niet om zeifbevlekking.

Norbert Koreman

«

15-1-2007 @ 17:25